- De competitieve of normale
- De geprojecteerde
- De pathologische jaloezie.
De vraag is waar Freud de lijn trok
tussen normale en pathologische jaloezie.
De Amerikaanse schrijfster en
populair wetenschappelijk onderzoekster Nancy Friday © noteert, dat bijna iedereen die tijdens haar vraaggesprekken toegaf
jaloezie-gevoelens te hebben de ernstige verdrongen vorm waarover Freud
spreekt die gevoelens het normale leken te overschrijden. Iedereen kende de
kwalijke invloed ervan in hun leven en velen vroeger haar of ze er een
middeltje tegen kende. De briljante geesten die Friday ondervroeg over
hetzelfde onderwerp, gedragspsychologen die claimen dat geen enkele menselijke emotie hen
vreemd is, gaven toe nooit veel over jaloezie te hebben nagedacht.
"Dat onderwerp wordt door
patiënten zelden naar voren gebracht". Friday bleef zitten met de vraag:"Waarom
hoor ik op straat en in mijn kennissenkring meer over jaloezie dan de therapeut in zijn
spreekkamer?" Kennelijk zeggen patiënten niet makkelijk dat zij last hebben van
jaloezie. Hetzelfde bleek ons èn dat dit nog veel sterker geldt
wat betreft het durven of willen toegeven afgunstig te zijn.